Belgische Spaniel Club
 
Nederlands   FranÁais  

   

 
   

Ierse Water Spaniel

 
  Bestuur

  Rassen

  Fokkers

  Shows

  Activiteiten
   
  Foto's

  Puppy bemiddeling

  Algemene informatie

  Lid worden

 
Trimsalons

  Links

 
Update

 

 

        































































































 


  

Standaard FCI nr 124 / 08.11.2002 / F
Vertaling aangeboden door B.S.C.B

De Ierse Water Spaniel is een jachthond. Gefokt voor het werk in alle soorten van jacht en in het bijzonder geschikt voor de jacht op waterwild. Zijn geschiktheid voor dit soort jacht, blijkt uit zijn uiterlijk. Hij is een sterk gebouwde, compacte hond, intelligent, met een groot uithoudingsvermogen en vurig van aard.

Oorsprong
Men vermoedt dat de origine van dit ras in PerziŽ ligt en naar Ierland werd verscheept via Spanje. De eerste Ierse verwijzing van '' waterhonden die waterwild volgen '' dateert van 1600. We weten dus dat deze honden met waterdichte vacht gebruikt werden in Ierland voor de ganzenroer. De afstammeling van dit ras is echter niet gekend, behalve wat betreft zijn ''rattestaart''. Dit kenmerk komt bij geen enkele andere gelijkaardige hond voor en dat betekent dat de hedendaagse Ierse Water Spaniel wel een Ierse voorouder moet gehad hebben. De staart gaaft de naam van het ras van ''Whip Tail'' en ''Rat tail''. In ieder geval, de voorvaders van dit ras kenden een groot succes tijdens tentoonstellingen in de tweede helft van de 19de eeuw. In 1890 werd er een club gevormd om de Ierse Water Spaniel te promoten.

Indeling FCI
Groep 8 : Apporteerhonden van wild
Wildopstoothonden
Waterhonden
Sectie 3 : Waterhonden
Met bewijs van werk (werkboekje)

Sociale omgang
De Ierse Water Spaniel is een familiehond, lief voor kinderen en hij speelt ook graag met hen. Hij heeft ook zin voor humor en is nieuwsgierig. Hij is wel gereserveerd ten opzicht van vreemden. Hij wordt dikwijls de clown onder de spaniels genoemd, waarschijnlijk door de piek krullend haar tussen de ogen.

De standaard

Karakter
In eerste instantie afwachtend, trouw en toegewijd met een aantrekkelijk gevoel voor humor en een standvastige aard.

Eigenschappen
Deze hond is een buitenbeentje in de spanielvarieteiten. Niet alleen door zijn schofthoogte van ongeveer 58 cm en zijn beharing, maar ook door zijn karakter en manier van jagen.

Hoofd en schedel
Het hoofd moet flink van grootte zijn. De schedel hooggewelfd, van goede lengte en breed genoeg om voldoende ruimte te bieden aan de hersenen. De voorsnuit is lang, krachtig en enigszins vierkantig met een geleidelijk verlopende stop. De neus is goed ontwikkeld, donker leverkleurig. Het geheel mag geen grove indruk maken.

Ogen
Betrekkelijk klein, amandelvormig, middel- tot donkerbruin van kleur, helder en oplettend.

Oren
Lang, lobvormig, laag aangezet, vlak tegen de wangen hangend en bedekt met lange gedraaide krullen.

Gebit
Een vomaakt, regelmatig en volledig schaargebit, d.w.z. de boventanden vallen juist over de ondertanden en de tanden staan recht in de kaak.

Hals
Stevig overgaand in de schouders, krachtig, gebogen en lang genoeg om het hoofd goed boven de ruglijn te dragen.

Voorhand
De schouders moeten krachtig zijn en schuin aanliggend. De borstkas diep en van flinke omvang. De voorbenen dienen stevige botten te hebben en recht te zijn met goed naar beneden geleide opperarmbeenderen, die een steunpunt zijn voor het onderarmbeen, zodat de elleboog en knie op een rechte lijn liggen met de schoudertop.

Achterhand
Krachtig met goed gehoekte kniegewrichten en lage hakken.

Lichaam
Moet van goede afmetingen zijn. De rug kort, breed en horizontaal, krachtig verbonden met de achterhand. De ribben dienen goed gewelfd achter de schouder te liggen, zodat ze het lichaam als geheel tonvormig doen lijken.

Voeten
Groot, enigszins rond en gespreid, goed bedekt met haar over en tussen de tenen.

Staart
Moet kort en recht zijn, dik aan de wortel en uitlopend in een fijne punt. Moet laag aangezet zijn, recht en lager dan de ruglijn worden gedragen; de lengte mag niet tot aan de hak reiken. Zo'n 7,5 ŗ 10 cm moet bij de aanzet bedekt zijn met korte krullen die plotseling ophouden. Het overige deel moet kaal of bedekt zijn met fijn kort haar.

Gang - beweging
Vlot en stuwend, langgestrekt en karakteristiek rollend geaccentueerd door de tonvormige ribben.

Vacht
Moet samengesteld zijn uit dichte, vaste, stijve krullen, vrij van elke wolligheid. Het haar moet een natuurlijke vettigheid hebben. De voorbenen bedekt met krullen of krulletjes tot aan de voet. De beharing moet rondom overvloedig zijn, ofschoon korter aan de voorzijde. Beneden de hakken moeten de achterbenen aan de voorzijde glad zijn, maar aan de achterkant behaard tot aan de voeten. Hals bedekt met krullen, gelijk aan die op het lichaam. De keel glad behaard, het haar met een V-vormige plek vormen van de achterzijde van de onderkaak tot het borstbeen. De voorsnuit moet glad zijn en de schedel bedekt met lange krullen in de vorm van een uitgesproken kuif die een duidelijke piek tot in de punt tussen de ogen groeit.

Kleur
Een warme, donkere leverkleur die een purperachtige tint heeft die bijzonder is voor het ras en ook wel wordt aangeduid door '' puce-liver'' ( purperachtig bruin)

Schofthoogte
Reuen : van ongeveer 53 tot ongeveer 58 cm
Teven : tussen 51 en 56 cm

Fouten
Elke afwijking van de bovenvermelde punten moet als fout aanzien worden en de mate waarin de fout wordt toegekend, moet in verhouding staan tot het geheel.

Opmerking
Reuen behoren voor het oog duidelijk twee waarneembare testikels te hebben, welke volledig in het scrotum zijn afgedaald.

 

 
 

Bestuur - Rassen - Fokkers - Shows - Activiteiten - Foto's - Puppy bemiddeling - Algemene informatie - Lid worden - Trimsalons - Links - Update